Pascal en Jill moesten in 1 dag beslissen: mogen twee kinderen bij jullie opgroeien? Twéé! Het ene meisje hadden ze eerder opgevangen als pleegkind, het andere meisje zou maar kort bij hen blijven. Maar uiteindelijk wonen nu ze allebei bij hen, totdat ze groot zijn. 

Jill (46), Pascal (45) hebben twee zoons, Jort (19) en Niek (17). In 2015 waren ze toe aan een eerste pleegkind. Een meisje van net 7 jaar oud kwam plots bij hen – een ‘crisisplaatsing’. Bij een crisisplaatsing is er iets ernstigs aan de hand, waardoor een kind niet thuis kan blijven en direct opvang nodig heeft. Waarna er met alle betrokkenen hard gewerkt wordt aan oplossingen en het kind hopelijk weer terug naar huis kan. In deze situatie hebben kinderen vaak een nare tijd en het beste kunnen ze dan ‘meedraaien in een gewoon gezin’. 

Hoe ging dat, met jullie eerste pleegkind in huis? 

Pascal: “Ze zou niet lang bij ons zijn, hooguit een maand of drie, maar ze bleef veel langer. Daarna ging ze wonen in een gezinshuis. Dat is een kleinschalige vorm van zorg en hulp; de kinderen wonen in huis bij gezinshuisouders met een professionele opvoed-achtergrond. Alleen konden we haar niet zomaar missen, en zij ons ook niet, dus we bleven haar pleeggezin – maar dan in deeltijd. Ze kwam elke maand nog een weekend bij ons, en ze ging twee keer met ons mee op vakantie naar Italië. Dan vloog ik, op één dag, op en neer vanuit Rome naar Amsterdam en haalde ik haar op. De weekend- en vakantieopvang was af en toe een logistieke puzzel, maar we konden wel net dat extra ‘knusse’ bieden, als aanvulling op wat het gezinshuis haar te bieden had.”

Jullie voltijd pleegkind bleef dus bij jullie als ‘deeltijd’ pleegkind. Was dat eigenlijk niet voldoende?

Pascal: “We hebben wel even ‘pauze’ genomen, maar na een aantal maanden begon het weer te kriebelen en gaven we aan weer ruimte te hebben voor een nieuwe plaatsing. Toen kwam een tweede kindje vanuit een crisissituatie bij ons: een meisje van 9 jaar oud. Ook zij zou eigenlijk niet bij ons kunnen blijven – ze waren op zoek naar een andere plek voor haar en zo jong als ze was, wist ze dat. Intussen klikte het heel goed met ons én met onze vorige pleegdochter. Als die in het weekend bij ons was, trokken de dames altijd wel met elkaar op. Het ging eigenlijk heel goed allemaal.”

Dus beide meisjes waren ‘tijdelijk’ bij jullie. En toen? 

“En toen kwam die dag in oktober 2018: ik kreeg op dezelfde dag, binnen anderhalf uur, de vraag of onze eerste pleegdochter bij ons terug kon komen én daarna of onze huidige pleegdochter kon blijven. Twee kinderen erbij! Jill en ik vonden het heel spannend, we hadden veel redenen waarom het niet zou kunnen. Maar eigenlijk waren onze bedenkingen vooral praktisch van aard. Dus na veel wikken en wegen namen we de sprong in het diepe: ze mochten allebei komen. Allebei de dames mogen nu ‘groot worden’ in ons gezin.”

Zijn de praktische bezwaren opgelost? 

Pascal: “Ja, en we zijn ontzettend blij met onze keuze. Het is niet altijd rozengeur en maneschijn, maar we hebben wel echt het gevoel bij te kunnen dragen in de ontwikkeling van deze twee dames. In de basis is het natuurlijk een hele gekke situatie, je zorgt voor kinderen die liever bij hun ouders zouden wonen, en je werkt samen met ouders die liever zelf voor hun kind hadden willen zorgen. Rationeel mag pleegzorg misschien wel de beste oplossing zijn, emotioneel is dat natuurlijk niet zo voor iedereen. Laatst hoorde ik: ‘Pleegouder zijn is de mooiste rotbaan die je kan hebben’.”

Wat vinden de ouders van jullie pleegkinderen van deze situatie?

“We hebben geregeld contact met de ouders. We proberen ze zoveel mogelijk te betrekken, zodat we samenwerken in de opvoeding, in te maken keuzes. Daarbij kunnen hele mooie dingen ontstaan, maar het kan ook voorkomen dat een ouder je het liefst door een vergiet zou willen prakken. Dat is ook logisch, jij zorgt voor hun meest waardevolle ‘bezit’: hun kind. En hoe goed ze het ook voorhebben met hun kind, men vindt dat het niet voldoende is om je eigen kind bij jou thuis te laten opgroeien. Dat een ouder vecht voor zijn of haar positie, voor zijn of haar kind, vind ik logisch. Misschien is dat af en toe ook iets feller dan dat je leuk vindt als pleegouder, maar dat kan ik accepteren. Uiteindelijk proberen we allemaal het beste te doen voor het kind. Dat wetend, kan je de verbinding zoeken. Nu zijn de dames allebei aan het puberen overigens, en maken ze meer en meer hun eigen keuzes.”

Wat zeg je als iemand overweegt om pleegouder te worden?

“Je kan echt het verschil maken in het leven van een kind. Het is niet altijd makkelijk, maar een kind zien opbloeien en kansen zien pakken, is het mooiste cadeau dat je kan krijgen.”

Pleegouders gezocht

Is pleegouder worden misschien ook iets voor u? Ook in uw omgeving zijn kinderen die een plekje nodig hebben! Dat kan in allerlei vormen, zoals Pascal en Jill laten zien. Van een snelle crisisplaatsing of voor langere tijd een kind opnemen en opvoeden, tot deeltijdpleegzorg in het weekend of vakanties. Altijd onder kundige begeleiding van een professionele jeugdhulpverlener. Misschien wilt u eens een informatieavond bijwonen. Daar hoort u meer ervaringen van pleegouders. Er is ongeveer iedere maand wel een bijeenkomst in de buurt. Online avonden zijn er ook. Meer informatie en aanmelden: www.ikwilpleegouderworden.nl(externe link)