Dementie raakt ons allemaal
1 op de 5 mensen krijgt dementie. De kans is dus groot dat uzelf of iemand in uw omgeving ermee te maken krijgt.

Veel mensen denken bij dementie aan iemand die veel hulp nodig heeft. Dat beeld klopt lang niet altijd. Dementie kent verschillende vormen. Beginnende dementie is vaak nauwelijks zichtbaar. Iemand woont zelfstandig, doet boodschappen, sport, gaat naar verenigingen of zet zich in als vrijwilliger. Aan de buitenkant lijkt weinig veranderd. Toch kunnen alledaagse situaties ingewikkelder worden. Dingen die vroeger vanzelf gingen, kosten meer moeite. Dat kan onzekerheid en schaamte met zich meebrengen. Daardoor zien we vaak dat iemand zich meer terugtrekt, minder onderneemt en sociaal contact vermijdt.
Ook de omgeving speelt daarin een rol. Uit bezorgdheid nemen naasten taken over of gaan ze lastige situaties uit de weg. Goed bedoeld, maar daardoor kan de wereld van iemand met dementie steeds kleiner worden. En dat terwijl contact, beweging en ergens bij horen juist belangrijk zijn voor het levensgeluk. Niet alleen voor mensen met dementie, maar voor ons allemaal. Daarom is het goed dat we niet kijken naar wat iemand niet meer kan, maar naar wat nog wél mogelijk is. Met een beetje begrip, geduld en hulp kunnen mensen met dementie vaak langer blijven meedoen. Dat zit vaak in kleine dingen: even de tijd nemen als iemand naar woorden zoekt, vriendelijk helpen als iemand de weg kwijt is of simpelweg vragen of u kunt helpen. Samen zorgen we ervoor dat mensen met dementie en hun mantelzorgers zich hier veilig, welkom en ondersteund voelen.
René Derksen
wethouder zorg en welzijn
